Na de publicatie van de nieuwste inflatiecijfers in de VS lijkt de Federal Reserve geen dringende noodzaak te zien om de rente te verhogen tijdens de komende vergadering medio september.
De consumentenprijzen stegen in juli op jaarbasis met 3,4%, lager dan het cijfer van juni van 3,5%. De kerninflatie, exclusief volatiele componenten, vertraagde tot 2,5% van 2,6%.
Handelaren hebben hun weddenschappen verhoogd dat de huidige bandbreedte van de federal funds rate — 3,50–3,75% — gehandhaafd blijft tijdens de bijeenkomst van 15–16 september. De kans op een verhoging wordt nu geschat op 38% volgens de CME-futures.
Tegelijkertijd merken analisten op dat de kern-PCE-maatstaf, die de voorkeur geniet van de Fed, nog steeds boven 3% kan blijven. Dit geeft geen volledige zekerheid dat het beleid al streng genoeg is.
Tijdens de juli-vergadering stemde de toezichthouder met 9–3 voor het handhaven van de rente. Drie tegenstanders en enkele regionale Fed-presidenten blijven pleiten voor een verhoging.
De inflatie blijft al meer dan vijf jaar boven de doelstelling van 2%. Extra druk wordt veroorzaakt door de gevolgen van de tarieven van vorig jaar en de situatie in het Midden-Oosten, die de brandstofprijzen beïnvloedt.
Fed-voorzitter Kevin Warsh en hoofd van de New York Fed John Williams verwachten een verdere vertraging van de inflatie naarmate deze factoren afnemen. Maar de uiteindelijke beslissing in september lijkt voorlopig dichtbij.
Wat zal uiteindelijk de doorslag geven — de nieuwe gegevens of de aanhoudende risico's?
De markten neigen voorlopig naar een pauze, maar tegen het einde van het jaar houden veel deelnemers toch rekening met de noodzaak van renteverhogingen om de inflatie terug te brengen naar de doelstelling.


