Bultruggen leggen jaarlijks duizenden kilometers af vanuit de koele wateren van Alaska en Canada, waar ze vetreserves aanleggen, naar de warme lagunes van Hawaï om zich voort te planten. Deze eeuwenoude migratie stuitte plotseling op een onzichtbare dreiging: een mariene hittegolf in 2013–2016, die de hele voedselketen verstoorde.
Volgens een recent onderzoek dat is gepubliceerd in het tijdschrift Marine Mammal Science, is de populatie Hawaïaanse bultruggen (Megaptera novaeangliae) met 37 procent afgenomen tussen de voortplantingsseizoenen 2014–2015 en 2021–2022. Wetenschappers analyseerden meer dan 27 duizend foto's van staartvinnen, die als het ware dienen als 'vingerafdrukken' om individuen te identificeren.
De overlevingskans van volwassen walvissen bedroeg vóór de hittegolf ongeveer 99 procent per jaar. Tijdens de anomalie daalde dit cijfer tot 68 procent — een scherpe daling, ongewoon voor langlevende zoogdieren. In de foerageergebieden in Alaska en Brits-Columbia werd massale sterfte van uitgehongerde dieren vastgesteld.
De oorzaak ligt in het instorten van de voedselbasis. De hittegolf, bekend als de 'Blob', deed het aantal krill en kleine vissen — het belangrijkste voedsel van de walvissen — scherp afnemen. Zonder voldoende voeding konden volwassen dieren niet de nodige reserves opbouwen, en daalden de vruchtbaarheid en de overlevingskans van de kalveren.
De populatie is nog steeds niet hersteld: naar schatting zijn er na de golf ongeveer vijfduizend walvissen minder. Hoewel sommige individuen naar andere gebieden kunnen zijn verhuisd, menen onderzoekers dat de meeste dieren van honger zijn gestorven.
Bultruggen fungeren als het ware als indicator voor de gezondheid van de oceaan. Hun scherpe achteruitgang wijst op cascade-effecten van de opwarming, die niet alleen walvissen treffen, maar het hele mariene ecosysteem — van plankton tot zeevogels en vinpotigen.
Vandaag de dag krijgt het noordelijke deel van de Stille Oceaan opnieuw te maken met temperatuuranomalieën, en een sterke El Niño versterkt de opwarming van het water. Onder zulke omstandigheden wordt de populatie kwetsbaarder voor andere bedreigingen: verstrikking in netten, aanvaringen met schepen en vervuiling.
Langdurige monitoring van zulke migrerende soorten maakt het mogelijk beter te begrijpen hoe klimaatverschuivingen oceaanecosystemen herstructureren en welke maatregelen de gevolgen voor het zeeleven kunnen verzachten.
