In december 2025 heeft de Raad van de EU officieel de positie van de Europese Centrale Bank gesteund met betrekking tot de invoering van limieten op het aanhouden van de digitale euro. Deze stap was een belangrijk signaal: de digitale centralebankvaluta mag geen instrument voor vermogensopbouw worden, maar blijft een betaalmiddel.
De limieten moeten commerciële banken beschermen tegen een massale uitstroom van deposito's. Als burgers onbeperkte bedragen in digitale euro's kunnen aanhouden, zal het geld in crisismomenten snel van de banken naar de directe verplichtingen van de ECB verschuiven. Dat zal de basis voor kredietverlening verkleinen en de volatiliteit van de financiering van banken vergroten, zoals deskundigen al hebben gewaarschuwd.
De Raad van de EU benadrukte: de digitale euro is een evolutie van geld en een instrument voor financiële inclusie. Het plafond op de saldi in wallets en rekeningen zal de ECB echter zelf vaststellen binnen een algemene limiet, die ten minste eens in de twee jaar opnieuw wordt bezien. Het doel is te voorkomen dat de valuta als 'waardeopslag' wordt gebruikt en de risico's voor de financiële stabiliteit tot een minimum te beperken.
Critici zien in dit compromis een bescherming van banken tegen concurrentie. Zonder limieten zou de digitale euro burgers een risicoloos alternatief voor deposito's kunnen bieden, waardoor de inkomsten van banken uit goedkope financiering zouden dalen. Onderzoek wijst uit dat dergelijke beperkingen de netto rente-inkomsten van banken gemiddeld met 7 % kunnen verlagen, en bij kleine spelers tot 13 %.
Tegelijkertijd merken voorstanders van het project op: de limieten maken het mogelijk de rol van commerciële banken bij het scheppen van geld via kredietverlening te behouden. De digitale euro zal contant geld en bankrekeningen aanvullen, niet vervangen. Offlinebetalingen en gratis basisdiensten voor consumenten moeten hem geschikt maken voor dagelijkse betalingen.
Het besluit van de Raad van de EU versnelt het wetgevingsproces. Naar verwachting wordt de definitieve regelgeving tegen het einde van 2026 aangenomen, en een eerste uitgifte van de digitale euro is mogelijk in 2029. De belangrijkste vraag blijft dezelfde: zal het lukken een modern betaalinstrument te creëren zonder daarbij de basis van het bestaande financiële stelsel te ondermijnen.
