Twee wetenschappers met een band met Mallorca hebben vrijwel tegelijkertijd enkele van de meest prestigieuze wetenschappelijke beurzen van de Verenigde Staten en Europa in de wacht gesleept. Maar in plaats van alleen over hun persoonlijk succes te praten, keren ze steeds vaker terug naar één vraag: waarom benutten de Balearen hun wetenschappelijk potentieel nog steeds niet volledig?
Lluís Morey Ramonell serà un dels referents científics de les Balears aquesta próxima dècada. És nebot meu. @lluismorey Dos científicos mallorquines de élite destacan el potencial de Baleares "para ser un referente" diariodemallorca.es/mallorca/2026/… a través de @diariomallorca
Moleculair bioloog Lluís Morey, werkzaam aan de Universiteit van Miami, ontving in 2026 een aanzienlijke financiering van de Amerikaanse National Institutes of Health (NIH). Zijn onderzoek richt zich op epigenetische mechanismen van ziekten, waaronder de reden waarom sommige borsttumoren resistent worden tegen behandeling.
Een andere afkomstig van de Balearen, oncoloog Toni Celià-Terrassa, ontving dit jaar een ERC Advanced Grant — een van de meest prestigieuze onderzoeksprogramma's van de Europese Unie.
Zijn project PLASTWIRE heeft een looptijd van vijf jaar en ontving een financiering van 2,5 miljoen euro. De wetenschappers gaan onderzoeken of het mogelijk is om met behulp van mRNA-gebaseerde technologieën de eigenschappen van tumorcellen zo te veranderen dat het immuunsysteem ze gemakkelijker kan herkennen en vernietigen.
Tegen de achtergrond van deze prestaties is het contrast met de situatie op de Balearen zelf opvallend.
Volgens de laatste officiële gegevens besteedde de regio ongeveer 0,4% van het bbpaan intern onderzoek en ontwikkeling. Ter vergelijking: het gemiddelde voor Spanje bedroeg ongeveer 1,5%.
Dat wil zeggen dat individuele onderzoekers en groepen van de eilanden in staat zijn om op het hoogste internationale niveau te concurreren, terwijl het regionale wetenschappelijke systeem zelf relatief klein blijft.
Daarbij bestaat de wetenschappelijke basis op de Balearen al wel.
Hier zijn de Universiteit van de Balearen, het IdISBa (Instituut voor Gezondheidsonderzoek), het IMEDEA (Mediterraan Instituut voor Geavanceerde Studies) en het IFISC (Instituut voor Interdisciplinaire Fysica en Complexe Systemen) actief. Op specifieke gebieden genieten hun teams een aanzienlijke internationale reputatie.
Het probleem, volgens de onderzoekers, ligt niet alleen in de hoeveelheid geld.
Er is een langetermijnstrategie nodig: richtingen bepalen waarin de eilanden echt concurrerend kunnen worden, voorwaarden scheppen om specialisten aan te trekken en de stabiliteit van het wetenschapsbeleid waarborgen, ongeacht regeringswisselingen.
Morey heeft herhaaldelijk gesproken over zijn band met Mallorca en zijn wens om op een dag actiever deel te nemen aan de ontwikkeling van de wetenschap in zijn geboorteland. Een van de mogelijke wegen is het creëren van een netwerk van onderzoekers die verbonden zijn met de eilanden en die vandaag de dag in vooraanstaande instituten in verschillende landen werken.
Zo'n netwerk zou kunnen helpen bij het leggen van internationale contacten, het opstarten van gezamenlijke projecten en het naar de Balearen terugbrengen van niet alleen individuele wetenschappers, maar ook kennis, technologieën en wetenschappelijke netwerken.
Celià-Terrassa legt de nadruk op iets anders: grote onderzoekssystemen kunnen niet in één politieke cyclus worden opgebouwd.
Wetenschap heeft continuïteit nodig.
Laboratoria, onderzoekscentra en wetenschappelijke scholen worden in de loop der jaren gevormd. Daarom is een kortstondige verhoging van het budget niet voldoende als er geen duidelijke strategie voor tien of twintig jaar achter zit.
Voor de Balearen is dit bijzonder belangrijk.
De economie van de archipel hangt grotendeels af van toerisme en de dienstensector, dus de ontwikkeling van biomedische wetenschappen, biotechnologie, mariene wetenschappen of andere hightechsectoren zou een extra manier kunnen zijn om de economie te diversifiëren.
Het gaat niet noodzakelijkerwijs om het bouwen van grote fabrieken.
Moderne wetenschap creëert laboratoria, startups, patenten, medische technologieën en hooggekwalificeerde banen. Eén sterk onderzoekscentrum is in staat om geleidelijk een heel ecosysteem om zich heen te vormen.
Zelfs de eilandligging is vandaag de dag niet meer zo'n obstakel als enkele decennia geleden. Internationale wetenschappelijke groepen werken voortdurend op afstand, wisselen gegevens en medewerkers uit, en onderzoekers reizen regelmatig tussen laboratoria in verschillende landen.
Tegelijkertijd heeft Mallorca een voordeel dat moeilijk met investeringen te bereiken is: de aantrekkelijkheid van de plek zelf.
Volgens de wetenschappers stellen buitenlandse collega's vaak een eenvoudige vraag: als er hier een universiteit, getalenteerde onderzoekers, infrastructuur en levenskwaliteit zijn, waarom zou men dan geen groot internationaal wetenschappelijk centrum op het eiland creëren?
De verhalen van Morey en Celià-Terrassa tonen een merkwaardige paradox.
Om het potentieel van Mallorca als wetenschappelijk centrum te zien, moesten sommige van haar onderzoekers eerst erkenning krijgen ver buiten het eiland.
Nu kan hun internationale reputatie een andere rol spelen: helpen een brug te slaan tussen de wereldwijde wetenschap en de regio waar ze vandaan komen.
En misschien is de belangrijkste vraag niet langer, of Mallorca een opvallend punt op de wetenschappelijke kaart van Europa kan worden.
Maar in de vraag of zij bereid is om daar de voorwaarden voor te scheppen.



