Het heelal breidt zich al bijna 14 miljard jaar uit, en daarmee groeit de totale entropie – de maat voor wanorde. Dit lijkt vanzelfsprekend: de tweede wet van de thermodynamica stelt dat de entropie in een geïsoleerd systeem niet afneemt. Echter, in een nieuw werk, gepubliceerd in Physical Review D, biedt natuurkundige en wiskundige Ginestra Bianconi van Queen Mary University of London een frisse kijk op dit probleem. Volgens haar theorie 'Gravity from Entropy' (GfE) kan de entropie per volume-eenheid zelfs afnemen, wat een onverwacht pad opent naar het ontstaan van kosmische structuren.
Bianconi's idee is om zwaartekracht af te leiden uit entropische actie. Ze beschouwt ruimtetijd en materie op gelijke voet, met behulp van Geometric Quantum Relative Entropy (GQRE). Dit is een maat voor het verschil tussen de metriek van de werkelijke ruimtetijd en de 'door materie geïnduceerde metriek'. Zwaartekracht ontstaat hier niet als een fundamentele kracht, maar als een gevolg van informatie-uitwisseling tussen geometrie en materie. In de limiet van lage energieën en kleine krommingen gaat de theorie soepel over in de klassieke vergelijkingen van Einstein, maar voegt belangrijke nuances toe.
Onlangs verdiepten Bianconi en haar collega's zich in de thermodynamica van dit model. Ze toonden aan dat universa binnen het GfE-kader een thermische beschrijving toelaten: lokaal ontstaan temperaturen en drukken die voldoen aan de eerste wet van de thermodynamica. De totale entropie van dergelijke universa neemt niet af in de tijd – in volledige overeenstemming met de tweede wet. Tegelijkertijd neemt de relatieve entropie GQRE per volume-eenheid niet toe, wat natuurlijk is voor een relatieve grootheid. Echter, het totale volume van het uitdijende heelal neemt toe, en dit maakt het mogelijk om de globale entropiegroei te verenigen met de lokale opkomst van orde: sterrenstelsels, sterren, complexe structuren.
Stel je het vroege heelal voor – heet, dicht, bijna homogeen. Naarmate het uitdijt, rekt de ruimte uit, daalt de temperatuur. In het klassieke beeld blijft de entropie per comoverend volume ongeveer constant (zoals bij de adiabatische expansie van een gas), maar de totale entropie neemt toe door onomkeerbare processen: de vorming van sterren, zwarte gaten, dissipatie. De nieuwe theorie voegt toe dat de zwaartekrachtinteractie zelf van entropische aard is. Dit levert een dynamisch effectief donkere energie-term op, die afhankelijk is van een hulpveld G en positief blijft, wat helpt de versnelde uitdijing van het heelal te verklaren zonder parameter-tuning.
De theorie is nog jong en vereist verdere verificatie, waaronder kwantisering en vergelijking met waarnemingen. Maar ze biedt nu al een elegante brug tussen thermodynamica, zwaartekracht en kosmologie. In plaats van entropie alleen te zien als een onvermijdelijk pad naar de warmtedood, ontdekken we erin een mechanisme dat het heelal toestaat zich 'zelf te organiseren' tegen de achtergrond van een algemene toename van wanorde.
Bianconi's werk herinnert ons eraan hoe diep informatie, geometrie en fysica met elkaar verweven zijn. Misschien zullen we via entropie op een dag begrijpen waarom ruimtetijd zich precies zo gedraagt en niet anders, en hoe uit de chaos van de Big Bang de complexiteit ontstaat die we waarnemen. Dit is geen revolutie die Einstein weerlegt, maar een natuurlijke ontwikkeling van ideeën die ons uitnodigt om oude vragen vanuit een nieuwe invalshoek te bekijken. En terwijl astronomen verre sterrenstelsels bestuderen, blijven theoretici zoeken naar de informatie-'bouwstenen' waaruit zwaartekracht is opgebouwd.


