De eerste gerandomiseerde, dubbelblinde, placebogecontroleerde studie in de diergeneeskunde naar het middel PURR-001 heeft indrukwekkende resultaten laten zien in de strijd tegen leeftijdsgebonden sarcopenie bij katten. De resultaten werden op 17 augustus 2026 gepubliceerd op het Zenodo-platform.
Leeftijdsgebonden sarcopenie is het natuurlijke verlies van spiermassa en kracht dat bij katten vanaf ongeveer 12 jaar begint op te treden. Het is een van de belangrijkste oorzaken van verminderde mobiliteit, zwakte en een afname van de levenskwaliteit bij oudere huisdieren. Aan het onderzoek namen 35 katten ouder dan 12 jaar deel met een gediagnosticeerde sarcopenie, afkomstig uit zowel particuliere huishoudens als asielen.
De dieren kregen PURR-001 toegediend — een multifunctioneel oraal middel dat drie actieve bestanddelen combineert: een laaggedoseerd analoog van rapamycine (een modulator van de mTOR-signaalroute, die geassocieerd wordt met een lang leven), mirtazapine en acarbose — in de vorm van een capsule die gedurende 12 weken eenmaal per week werd gegeven. PURR-001 is specifiek ontwikkeld om de belangrijkste verouderingsprocessen te moduleren die betrokken zijn bij het verlies van skeletspieren.
De resultaten waren indrukwekkend. Bij de katten die het middel kregen, nam het lichaamsgewicht met gemiddeld 7,4 % toe, terwijl de toename in de placebogroep slechts 1,1 % bedroeg. Nog veelzeggender was het resultaat voor de dikte van de epiaxiale rugspier, een belangrijke marker voor spiermassa: in de behandelgroep was er een toename van 22,75 % tegenover 9,00 % in de controlegroep. Een positieve correlatie tussen de toename van spiermassa en het totale lichaamsgewicht (R² = 0,48) bevestigde het verband tussen de behaalde resultaten.
De veiligheid van het middel werd nauwgezet gevolgd door middel van biochemische analyses van het bloedserum en het documenteren van bijwerkingen. De biochemische parameters bleven stabiel en er werden geen tekenen van klinisch significante toxiciteit vastgesteld. De enkele ongewenste voorvallen die in beide groepen werden geregistreerd, werden door de dierenartsen toegeschreven aan reeds bestaande chronische aandoeningen bij de dieren en niet aan het gebruik van het middel.
Moleculair onderzoek bevestigde het biologische werkingsmechanisme. De resultaten rechtvaardigen de combinatie van de bestanddelen in het middel en effenen het pad voor grotere bevestigende studies naar gerotherapeutische interventies in de diergeneeskunde.
Voor eigenaren van oudere katten betekent dit hoop op, zo niet een verlenging van het leven van hun huisdier, dan toch op een verbetering van de kwaliteit ervan. Dankzij het eenvoudige gebruik — één capsule per week — en de goede verdraagbaarheid kan het middel mogelijk het natuurlijke spierverlies vertragen dat leidt tot beperkte mobiliteit en verlies van zelfstandigheid.
Het onderzoek legt een wetenschappelijk fundament voor toekomstig werk op het gebied van gerontologie en het welzijn van katten. Het toont aan dat farmacologische correctie van leeftijdsgebonden veranderingen in het lichaam van huisdieren geen sciencefiction meer is, maar een realiteit wordt die vraagt om verdere ontwikkeling en klinische toepassing.


