Schrödingers kat is enkel in theorie tegelijkertijd dood en levend, want in de werkelijkheid nemen we macroscopische superposities nooit waar. Een recent artikel op arXiv biedt een dynamische verklaring voor dit fenomeen door te kijken naar de interactie met de omgeving.
Onderzoekers van het Max Planck Instituut voor Quantumoptica in Duitsland analyseerden een model waarin de quantumtoestanden van macroscopische objecten razendsnel hun coherentie verliezen. Ze maakten gebruik van numerieke simulaties op een supercomputer in München en publiceerden hun preprint in mei 2026. Uit de gegevens blijkt dat zelfs de zwakste interactie met fotonen of luchtmoleculen een superpositie binnen een fractie van een seconde vernietigt.
Stel je voor dat een superpositie een draad is waaraan voortdurend door talloze kleine verstoringen wordt getrokken. Elke botsing met een omgevingsdeeltje werkt als een schaar die de draad doorknipt in afzonderlijke klassieke takken. Dit is niet simpelweg decoherentie, maar een actief dynamisch proces dat het onmogelijk maakt om quantum-integriteit op grote schaal te behouden.
Het resultaat verandert ons begrip van de grens tussen de quantumwereld en de klassieke wereld. Het toont aan dat het ontbreken van macroscopische superposities geen toeval is, maar een onvermijdelijk gevolg van de dynamiek van open systemen. Voor quantumcomputers betekent dit dat er nog strengere controle over de omgeving nodig is om de coherentie van qubits te waarborgen.
Het onderzoek levert een concreet wiskundig instrument op om de levensduur van dergelijke toestanden te berekenen. Hierdoor kan worden voorspeld onder welke omstandigheden superposities langer stand zouden kunnen houden.
Zo kiest de werkelijkheid zelf voor het klassieke pad, zonder ruimte te laten voor zichtbare quantumwonderen op ons eigen niveau.




