Er zijn landen die gedomineerd worden door chaos, waar het leven bruist, raast, voortdurend improviseert en over de plinten klotst. En dan is er Zwitserland.

Dit land ziet eruit alsof een nauwgezette kunstenaar het op doek heeft geschilderd, waarna een uiterst precies persoon het heeft uitgeknipt en midden in Europa heeft geplaatst. Men zou het een 'bijna perfect' land kunnen noemen. En juist dat woordje 'bijna' is het meest essentiële deel.
Achter de glanzende gevels van de Alpenchalets en de onberispelijke gazons schuilt namelijk een natie die overleven, veiligheid en orde tot het allerhoogste goed heeft verheven.
Natuur die als hun eigen oogappel wordt beschermd

De Zwitserse Alpen zijn meer dan alleen bergen. Ze vormen een nationaal erfgoed en een onneembare vesting.
De lucht is hier zo zuiver dat je er wel een voorraad van zou willen opslaan, en het water uit de straatfonteinen is lekkerder dan welk premium mineraalwater dan ook.
De lokale dorpjes, indrukwekkende dammen, bruggen en tunnels zijn met chirurgische precisie in het landschap geïntegreerd. Niets wordt hier aan het toeval overgelaten. Elke steen, elke dennenboom en elke koebel bevindt zich precies op de juiste plek. De natuur is hier niet 'wild' te noemen; ze is even goed onderhouden als de tuin van een miljardair.
Salarissen die doen duizelen (terwijl de portemonnee leegraakt)
Zwitserland is een land van astronomische inkomens. De lonen behoren hier steevast tot de hoogste ter wereld.
Zelfs een kassière in de supermarkt, een schoonmaker of een ober verdienen bedragen waar menig Europees kantoormanager alleen maar van kan dromen.
Er is echter een nuance waar het enthousiasme van toeristen vaak op stukloopt. Zwitserland is namelijk een van de duurste landen op aarde.
De prijs van een kop koffie, een eenvoudige lunch of de huur van een appartement dwingt bezoekers vaak tot een koortsachtige herberekening van hun budget. Van de gebruikelijke 'gratis' staatszorg is hier geen sprake: iedere inwoner is verplicht een private zorgverzekering af te sluiten, en die is allesbehalve goedkoop. De Zwitsers verdienen weliswaar veel, maar ze geven minstens evenveel uit om die 'ideale' levensstandaard te behouden die men vanuit de panoramatreinen voorbij ziet trekken.
Het meest neutrale land (met een bunker in elk huis)
Zwitserland staat bekend om zijn legendarische neutraliteit. Sinds 1815 is het land niet meer betrokken geweest bij een grote oorlog. Men moet deze neutraliteit echter niet verwarren met naïef pacifisme.
Dit land is in feite één gigantische, gecamoufleerde bunker. Volgens de wet zijn er in Zwitserland in de schuilkelders net zoveel plaatsen beschikbaar als er inwoners zijn; er is dus een plek voor iedereen.
Iedere man is verplicht tot militaire dienst, waarna hij zijn dienstwapen mee naar huis neemt (weliswaar zonder munitie, want die ligt in de wapenopslag). Tijdens de Koude Oorlog waren de Zwitsers zo bang voor een invasie dat ze de belangrijkste bruggen, tunnels en bergpassen in de Alpen van mijnen voorzagen, om deze in geval van nood op te blazen en het land volledig af te sluiten van de rest van de wereld. Hun veiligheid is niet gebaseerd op vertrouwen in de buren, maar op een totale, bijna paranoïde paraatheid voor het ergste scenario. Juist daarom wordt Zwitserland terecht beschouwd als een van de veiligste landen ter wereld.
Treinen die nauwkeuriger zijn dan Zwitserse horloges

Het Zwitserse openbaar vervoer is een kunstvorm op zich en een bron van trots. De lokale treinen rijden met zo'n maniakale stiptheid dat je er niet alleen je horloge, maar zelfs je hartslag op kunt gelijkstellen. Een vertraging van twee minuten wordt hier als een nationale schande gezien.
Tunnels zijn door onbegaanbare rotsen geboord en de beroemde panoramatreinen kruipen over viaducten boven bodemloze kloven, waardoor toeristen door enorme ramen het 'rustigste land' kunnen bewonderen.

Directe democratie: Het volk beslist over alles
De Zwitsers laten de besluitvorming niet graag over aan politici alleen. Meerdere keren per jaar worden er nationale referenda gehouden.
Burgers stemmen over alles: van belastingverhogingen en de bouw van windmolens tot een verbod op minaretten of de invoering van een onvoorwaardelijk basisinkomen (dat ze overigens zelf hebben afgewezen, omdat ze geloven dat gratis kaas alleen in een muizenval te vinden is). Het is een natie van volwassen, verantwoordelijke mensen die beseffen dat een ideaal land niet van bovenaf wordt opgelegd, maar steen voor steen wordt opgebouwd bij elke stemming.
Fondue, chocolade en strenge regels
Natuurlijk mogen we de culinaire symbolen niet vergeten: de smeuïge kaasfondue, raclette en chocolade die smelt op de tong. Maar zelfs achter deze façade van gastronomisch hedonisme gaan strikte regels schuil.
In Zwitserland mag men op zondag geen lawaai maken; het is een heilige rustdag. In sommige huizen geldt nog steeds de ongeschreven (en soms in het huurcontract vastgelegde) regel om na tien uur 's avonds het toilet niet door te spoelen, om de buren niet te storen.
Het scheiden van afval is tot een cultus verheven, en voor een blikje in de verkeerde zak kun je een forse boete krijgen. De buren houden hier een oogje in het zeil. En dat wordt als de norm beschouwd.
Waarom is het land slechts 'bijna' perfect?
Omdat het ideaal een statische vorm is. In Zwitserland is er weinig ruimte voor spontaniteit, voor dwaasheden of voor die specifieke chaos die het leven vaak echt kleurrijk en onvoorspelbaar maakt.
Zwitserland is een meesterwerk van menselijke afspraken. Het is een land waar mensen vrijwillig hun directe vrijheden hebben ingeperkt ten behoeve van het algemeen belang, rust, veiligheid en de overweldigende schoonheid om hen heen.
Wanneer je aan de oever van het Meer van Genève staat of naar de besneeuwde top van de Matterhorn kijkt, besef je dat dit land discipline en respect voor de regels vereist. Maar in ruil daarvoor krijg je iets wat in de moderne wereld zeldzaam is: een absolute, onwrikbare gemoedsrust.



