In de zomer van 2026 opent nabij Parijs, in het Château du Clos Lucé — de laatste verblijfplaats van Leonardo da Vinci in Frankrijk — de omvangrijke tentoonstelling Leonardo da Vinci, Master of Water. De expositie, die te zien is van 6 juni tot 13 september, richt zich op een van de meest vooruitstrevende en tegelijkertijd onderbelichte aspecten van zijn werk: zijn onderzoek naar water, wervelingen en de dynamiek van natuurlijke stromingen. De tentoonstelling brengt tekeningen, technische ontwerpen en pagina's uit de Codex Atlanticus samen met moderne wetenschappelijke interpretaties van de observaties van de meester. De curatoren benadrukken dat veel van Leonardo's ideeën vandaag de dag een verrassende gelijkenis vertonen met actueel onderzoek naar hydrodynamica, biomechanica en complexe natuurlijke systemen.
Ook in wetenschappelijke kringen is de belangstelling voor dit werk gegroeid. In een onderzoek dat in 2025 werd gepubliceerd, werden moderne modellen van turbulente stromingen vergeleken met de tekeningen van Leonardo. De auteurs van het onderzoek merken op dat de observaties van de meester de visuele kenmerken van wervelstromingen, die tegenwoordig binnen de hydrodynamica worden bestudeerd, met een verbluffende nauwkeurigheid vastleggen.
Voor Leonardo was water niet slechts een element uit de natuur. In zijn aantekeningen beschouwde hij het als een van de fundamentele krachten van de natuur en als een universeel model voor de manier waarop de wereld beweegt.
Water als obsessie
De manier waarop Leonardo da Vinci naar water keek, getuigde van een bijna maniakale focus. Hij observeerde urenlang de loop van rivieren, draaikolken en stromingen na een regenbui, in een poging te begrijpen hoe wervels ontstaan, waarom beweging uiteenvalt in spiralen en aan welke wetmatigheden chaos onderworpen is.
In zijn notitieboeken zijn talrijke schetsen van stromingen, turbulenties en golven bewaard gebleven. Voor wetenschapshistorici zijn deze van grote waarde: veel hedendaagse onderzoekers zien Leonardo als een van de eerste waarnemers van turbulentie in de geschiedenis.
Hij was in het bijzonder gefascineerd door de herhalende vormen in de natuur. Het viel hem op dat de spiralen in het water deden denken aan haarlokken, dat de beweging van rook gelijkenissen vertoonde met de plooien van textiel, en dat de stroming van lucht de vormen van het menselijk lichaam volgde. Dit concept van een overkoepelend natuurlijk ritme zou later de kern vormen van zijn beeldende taal.
Het geheim van de eenheid: de herhalende ritmes van de natuur
Door de beweging van water te bestuderen, kwam Leonardo geleidelijk tot het inzicht dat zelfs chaotische processen worden gestuurd door een verborgen orde. In zijn onderzoek ging hij uit van de premisse dat de natuur te werk gaat via terugkerende patronen in beweging en vorm.
Hij zag hoe identieke structuren zich op verschillende schalen manifesteerden: de draaikolken in rivieren vonden hun weerklank in de vorm van wolken, de lijnen van stromingen in de rondingen van het lichaam, en de luchtstromen in de plooien van gewaden.
Voor Leonardo was dit geen louter visuele overeenkomst. Hij zag de natuur als een samenhangend systeem van onderlinge ritmes, waarin water fungeerde als de universele taal van de beweging.
Dat is de reden waarom zijn schilderijen worden ervaren als levende systemen. Licht, gebaren, het landschap en de compositie volgen een gezamenlijke innerlijke dynamiek — hetzelfde ritme dat hij ontdekte in de stroming van het water.
Hoe water de schilderkunst van Leonardo veranderde
De observaties van stromingen hadden een directe impact op de artistieke taal van de meester. In het oeuvre van Leonardo is er nauwelijks sprake van statische elementen; lijnen, gebaren, de val van stoffen en landschappen zijn altijd met elkaar verbonden door een gedeelde beweging.
In de "Mona Lisa" doen de zachte overgangen tussen licht en schaduw denken aan de stroming van water. De kronkelende rivieren in de achtergrond harmoniëren met de contouren van de gestalte en de milde plastiek van de handen. In de "Maagd op de rotsen" lijken de menselijke vormen een organisch verlengstuk van de rotsformaties en grotten.
Zelfs de sfumato-techniek — het befaamde procedé waarbij vormen zacht in elkaar overvloeien — is grotendeels schatplichtig aan zijn waarnemingen van de wijze waarop lucht, water en licht geleidelijk in elkaar opgaan.
Voor Leonardo mocht een schilderij de wereld niet louter afbeelden, maar moest het juist het innerlijke ritme ervan tot uitdrukking brengen.
Leonardo en de wervelingen in het hart
Tot de meest opmerkelijke studies van Leonardo behoren zijn anatomische experimenten naar de circulatie van het bloed.
Bij zijn onderzoek naar het hart creëerde hij glazen modellen van de aortaklep en experimenteerde hij met water en was om de mechanica van de bloedstroom te doorgronden. Hij richtte zijn aandacht in het bijzonder op de wervelende stromen binnen de aorta.
Leonardo opperde dat juist deze wervelingen de klep helpen om op de juiste manier te sluiten. Eeuwen later bevestigde modern biomechanisch onderzoek dat deze wervelstructuren inderdaad een essentiële rol spelen bij de werking van de aortaklep.
Voor hem maakten de wetten van water, lucht en bloed deel uit van één overkoepelend natuurlijk systeem.
Moderne wetenschap en de tekeningen van Leonardo
In de afgelopen jaren is de interesse in Leonardo's onderzoek vanuit de hydrodynamica aanzienlijk toegenomen. In 2025 publiceerde het tijdschrift Results in Engineering een artikel waarin moderne modellen van turbulente stromingen werden vergeleken met de schetsen van de meester.
Onderzoekers analyseerden de structuur van wervels achter obstakels en merkten op dat de observaties van Leonardo de kenmerken van turbulentie uiterst precies weergeven, ondanks het ontbreken van geavanceerde instrumenten of een moderne hydrodynamische theorie.
Voor de huidige generatie wetenschappers is vooral Leonardo's benadering van belang: hij zag de natuur als een weefsel van herhalende wetmatigheden, waarbij dezelfde vormen opduiken in het water, de menselijke anatomie, de atmosfeer en de kunst.
"De Zondvloed": wanneer water een verwoestende kracht wordt
De houding van Leonardo tegenover water was echter niet alleen gebaseerd op bewondering. In zijn late serie tekeningen, "De Zondvloed" (Deluge), transformeert het water in een apocalyptische kracht.
Wervelingen slokken bomen, rotsen en menselijke figuren op, terwijl de gehele compositie overgaat in een chaotische maalstroom. Kunsthistorici interpreteren deze werken als een bespiegeling op de broosheid van de menselijke wereld en de onbedwingbare kracht van de natuur.
Zelfs in deze werken blijft Leonardo de beweging bestuderen — ditmaal niet als harmonie, maar als pure vernietigingsdrang.
Waarom Leonardo weer actueel is
Vandaag de dag wordt het erfgoed van Leonardo steeds vaker beschouwd als meer dan een hoofdstuk uit de kunstgeschiedenis van de renaissance; het wordt gezien als een vroege vorm van interdisciplinair denken waarbij kunst, wetenschap en natuurstudie samenkomen.
Dat maakt de tentoonstelling in Clos Lucé in 2026 dan ook bijzonder actueel. Vijf eeuwen na het overlijden van Leonardo staan zijn tekeningen van water opnieuw in het brandpunt van de belangstelling — nu niet alleen voor kunsthistorici, maar ook voor wetenschappers die zich bezighouden met vloeistofdynamica, biomechanica en complexe systemen.
Door water te bestuderen, trachtte Leonardo een fundamenteler principe te begrijpen: hoe de dynamiek van de wereld werkt en waarom dezelfde vormen terugkeren in de natuur, het menselijk lichaam en de kunst.



